Lokaal vs Globaal optimaliseren

Het risico bestaat dat als lokale processen te veel worden geoptimaliseerd, de vraag wordt genegeerd of de totale keten nog wel in het belang van de klant functioneert.

Voor elk klantgedreven bedrijf zijn er nu twee kerncijfers die leidend zijn:

  • Doorlooptijd
  • Productietijd

Doorlooptijd is de tijd tussen het bestellen van een product en het ontvangen ervan. Productietijd is de totale productietijd die nodig is om een product te vervaardigen, inclusief de insteltijd.

Een voorbeeld kan zijn dat je voor een samengesteld plaatwerk product in totaal 3 uur nodig hebt (10 minuten snijden, 20 minuten kanten en 2,5 uur lassen), maar een doorlooptijd van 3 weken.

Om erachter te komen of lokale optimalisatie nog waarde toevoegt, kun je de ratio berekenen.

  • 3 weken = 3 (weken) ร—7 (dagen) ร—8 (uur)=168 uur.
  • 3 / 168 = 1,78%

Conclusie: In dit voorbeeld wacht dit product 98%+ van de tijd!

Het punt is:

Lokale optimalisatie voegt vaak weinig toe aan het resultaat en de klantervaring. Als de ratio meestal onder de 5% ligt, is het beter om te focussen op de doorlooptijd.

Het toevoegen van een snellere machine, meer medewerkers of het toepassen van shopfloor software op de vloer ziet er op papier misschien goed uit, maar heeft weinig impact als het niet gericht is op de doorlooptijd.

De beste manier is om betere workflows op te zetten, die het mogelijk maken om sneller met de productie te beginnen (vooral op kantoor), tussentijdse voorraden te verminderen en sneller te leveren wanneer het product klaar is.